Gedicht rivier vol verhalen/ De Vecht

Rivier vol verhalen:

Langs de oevers van de Vecht,

Ontstaat de overlevering

Sinds her en lang daarvoor.

En de rivier neemt de herinnering,

Ze zoekt de woorden,

Voegt de zinnen,

Kabbelt langs geschiedenis,

Bruist en golft door stad en land

Blijft bij een buurtschap langer dralen,

Kolkt dan woest verder langs stuw en brug,

Wentelt en keert zich in verhalen,

Wordt een stroom van woorden,

En geeft nooit een letter terug.

Want de Vecht neemt enkel,

Neemt het verleden mee.

En uiteindelijk verdwijnen alle klanken

In een oneindige woordenzee.

 

 

(Ter gelegenheid van het cultuurarrangement Vechtdal.)

 

De Vecht ‘98

Lonken kan ze,

Lieflijk in de stille zomerzon.

Langzaam laat ik me glijden

Omhuld door helder water

Vissen als schaduwen langs mijn voeten

Drijf ik licht voort,

Argwaan sluimerend rond mijn adem.

Want hoe niet ken ik dit water.

Deze verraderlijke vriendin

Klom in het donker uit haar bed,

Snel, diep en stil,

Slepend, sleurend, haar weg nemend.

Woest zoekend naar haar eigen gang,

Lag ze ‘s ochtends zwartglanzend op mijn stoep,

Enkel nog te sturen naar waar ze zelf wil.